Een vriendelijke mannenstem met een vrouwennaam begint zorgvuldig zijn analyse. Een paar weken eerder had ik een prettig en vermoeiend gesprek met een verzekeringsarts van het UWV. Een wat oudere dame met duidelijk de nodige ervaring ging stap voor stap door mijn medische dosier, een heel werk na 2 jaar ziekte en heel wat onderzoeken en begeleiding. Ik heb het geluk dat alle 3 de bedrijfsartsen met wie ik het genoegen heb gehad alles heel netjes en zorgvuldig hebben gedocumenteerd. De laatste heeft mij het volledige document laten lezen voordat het voor de WIA-beoordeling naar het UWV werd gestuurd. En dan lees je je eigen shit, alles zwart op wit.
Ik wist dat het klopte wat er stond, maar het viel me tegen. Ergens was ik voor mezelf nog steeds die energieke en ambitieuze vrouw, hardwerkend ook. En hier stond dat ik dat niet meer kon, al tijden niet, en dat de verwachting was dat ik dat op korte termijn ook niet zou kunnen.
Rustig had ik de vriendelijke vragen van de verzekeringsarts beantwoord, ik kon merken dat ze eigenlijk het dossier toetste, want vaak vatte ze mijn antwoord samen met de woorden die ik herkende uit het document van de bedrijfsartsen. Kort en bondig vatte ze haar conclusie na 3 kwartier samen, ze kon horen dat ik moe was en dus wilde ze het gesprek snel beeindigen. Ook al wist ik die conclusie, het viel me rauw op mijn dak: concentratieproblemen, somberheid, vermoeidheid, wil wel werken maar beter niet meer dan 4 uur per dag.
En nu vertelde de arbeidsdeskundige even vriendelijk wat dit betekende met betrekking tot de WIA-aanvraag die ik had gedaan. Ik moest er rekening mee houden dat het om rekenmodellen ging en dat eventuele mogelijke beroepen die hij ging noemen niet betekende dat ik dat werk moest gaan doen. Omdat ik maar 4 uur kan werken per dag kom je al op 50% arbeidsongeschiktheid, zover was ik zelf ook al gekomen. Maar vooral het feit dat ik onder andere geen leidinggevende taken meer zou kunnen doen zorgde ervoor dat ik veel minder zou kunnen verdienen, dat mijn uurloon veel lager zou zijn dan dat het was toen ik nog als manager werkte. En tegen dat verschil was ik verzekerd, zo legde de arbeidsdeskundige uit.
De berekening had bij hem geleid tot een arbeidsongeschiktheidspercentage van boven de 80%, ik schrok me rot. Meer dan 50% had ik wel verwacht, het was ook fijn dat ons inkomen nu voor een periode weer zeker was. En toch was het een klap in mijn gezicht, hoe goed ik de rekenregels ook kende. Die energieke, ambitieuze en hardwerkende vrouw die ik nog altijd dacht te zijn was nu voor 80% afgekeurd, ongeschikt.


