Iedereen kent het wel. De feestdagen zijn voorbij en het stof opgeveegd nadat de kerstversiering is weggehaald en opgeruimd. Blue Monday, zogezegd de meest deprimerende dag van het jaar in een van de meest grijze maanden van het jaar. Je voelt je suf, beetje wollig misschien, somber en hebt de behoefte diep onder de dikke dekens te blijven en te wachten tot de zon weer doorbreekt.
Sinds het wat beter ging met mijn burnout, of eigenlijk slechter met de burnout en beter met mij, bleef maandag een lastige dag. Het weekend met de kinderen is leuk en gezellig (meestal), maar bijna altijd wel heel druk. Met veel prikkels. Moet je net iemand met een autistische burnout hebben. Dus zo goed als elke maandag voelde ik me somber, suf en wollig, had ik de behoefte diep onder mijn dikke dekens te blijven liggen wachten tot het over ging.
Hoe leg je dat uit aan mensen? Als ze vragen hoe je je voelt? Dat het elke week hetzelfde is, dat dat te doen is, maar wel vervelend natuurlijk. Ik heb elke week Blue Monday, zei ik dan om het uit te leggen. En als iemand vroeg hoe mijn week begonnen was: ‘ach, het is een milde Blue Monday vandaag’. En tot mijn eigen verbazing kon ik er zo zelf ook beter mee omgaan, het wende. Ik was zelfs verbaasd als ik me op maandag wél goed voelde, niet wollig maar helder, niet suf maar fit. ’Geen Blue Monday vandaag’, dacht ik dan, ‘wat een rijkdom!’
Vorige week was anders. Ik voelde me al een paar weken opgerekt, beetje uitgeteld, op de grens, een koorddanseres. Al in het weekend begon het, te vroeg dus eigenlijk. Mijn schoonmoeder belde dinsdag en vroeg hoe het met me was. Ik dacht na, voelde me misselijk van mijn suffe en wollige hoofd, al een paar dagen somber en wist ook dat het niet zomaar een dag later over zou zijn. ‘Het is Blue Week’ zei ik als antwoord. Het was even stil aan de andere kant, een zucht en toen: ‘dat is niet fijn meisje’. Ze begreep het, wist ook dat het even niet over zou gaan en wenste me rust en sterkte, ik moest goed op mezelf letten.
Een paar dagen later belde ze weer. Hoe het met mijn Blue Week ging vroeg ze. ‘Nog steeds Blue’, antwoordde ik, ‘maar wel lichter blauw…’.


