Even een trapje pakken

Het was net na lunchtijd en ik besloot een paar van de bovenste takken van onze heg weg te snoeien. De rest was al gedaan, maar we konden zoals gewoonlijk niet bij de bovenste takken zonder waaghalzerige kapriolen. En dus ben ik in de weer met een verlengde snoeischaar, ik kan er net bij, of net niet bij, tak voor tak.

De hele ochtend heb ik achter mijn laptop doorgebracht, het was zowaar productief. Trots heb ik het moodboard verstuurd dat als basis zal dienen voor mijn website. Nog even dit, nog even dat, lunch, en dan verder. Dat was het plan.

De rust van de lunch zorgde voor watten in mijn hoofd, blijkbaar toch een grens bereikt die ik niet voelde aankomen. Dus dan die heg maar snoeien, tak voor tak. Niet om het snoeien, al moet het wel gebeuren, maar om het hoofd langzaam te legen, op te laten klaren.

Aan de overkant van de straat roept een man: ‘lukt het?’ Ik ken hem niet, hij vraagt hoe lang we er al wonen. ’Vijf jaar ruim’. Niet veel vindt hij. Ik heb geen zin in praten, hij blijft staan en vertelt wat over het apartement dat hij verhuurt, de problemen, het gedoe. Dat hij liever hier zou wonen, in deze buurt, en hij wijst naar ons huis. ‘Niet te koop, ook niet binnenkort‘, zeg ik wat afwezig. Hij gaat door, over politiek, en dat ik een trapje moet pakken. Ik knip rustig verder, tak voor tak, en laat tussendoor mijn armen rusten. Het is zwaar werk, dat knippen boven mijn hoofd. Zweet parelt over mijn rug naar beneden, weer een paar takken, steeds eerst mis en doorgaan tot er weer een naar beneden suist.

Beleeft praat ik wat mee terwijl ik knip, ’de waarde van de huizen is echt gigantisch gestegen‘, beaam ik, allemaal de schuld van Den Haag volgens de man. Ik laat me er niet over uit, de watten in mijn hoofd zitten nog steeds in de weg. ‘Een trap zou handiger zijn’, zegt de man weer. Langzaam klaart het wat op in mijn bovenkamer, ik ga door met knippen, beetje kramp in mijn handen. Nog steeds geen behoefte om te praten.

De man draait zich om en loopt naar zijn auto, vrijdag komen nieuwe huurders, elke 2 jaar nieuwe, anders krijg je er ze nooit meer uit. Weer een paar takken, nu hele grote. Voldaan kijk ik hoe ze op de grond vallen, bijna klaar. ‘Even een trapje pakken’, roept de man met de deur van zijn auto in zijn handen. ‘Doe ik straks wel’, roep ik terug, terwijl ik voor de vorm nog een paar takken knip.

Tevreden loop ik naar binnen, schaar onder mijn arm. Die trap komt straks wel, mijn hoofd is leeg, leeg genoeg in ieder geval.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Gerelateerde berichten

No reference man

‘Stuur de reference man met pensioen’. De oproep van Elanor Boekholt-O’Sullivan op 8 maart 2025, Internationale Vrouwendag, aan het Europees

Ongeziene dagen

Ik ben thuis, net de kinderen naar school gebracht, ik zit, scroll op mijn telefoon. Doelloos, zinloos, somber. Het werk

Probeer het opnieuw

Ver voor het smartphone tijdperk hadden we thuis een soort kinderlaptop met daarop spelletjes om onder andere te leren rekenen.