Ik geloof het bijna niet, al weken weet ik dat ik een nieuwe baan heb, heb ondertussen het contract getekend en mijn toegangspas binnen. Maar als ik mensen vertel dat ik over een paar weken ga werken klinkt het zo vertwijfeld dat het lijkt alsof ik er zelf verbaasd over ben, wat ook zo is.
In een vorig leven droeg ik eigenlijk altijd gellak op mijn nagels. Ik was ermee begonnen in Istanbul, daar zien vrouwen er veelal uit om door een ringetje te halen en om me gekleed te voelen zonder lagen make-up hielpen gelakte nagels. Helaas heb ik geen geduld ze steeds zelf te lakken en dus ontdekte ik gellak: een uitvinding voor de ongeduldige (en welvarende) vrouw.
Vlak voor kerst besluit ik het weer eens te proberen, na er jaren naturel bij te hebben gelopen. Gellak gaat namelijk niet samen met billendoekjes, veelvuldig gebruik van deze vochtige doekjes weekt zelfs deze normaal lang-zittende kleurtjes los. En dus stop ik ermee, stukjes gellak lijken me geen gezonde toevoeging aan een babyhapje en echt charmant is afgebrokkelde kleur ook niet.
Maar nu heb ik ze weer, prachtig rode nagels, bietjes-rood om precies te zijn, echt een kerstkleurtje. Ik sta in de sportschool, moest echt racen vanuit de schoonheidssalon om nog op tijd te zijn en puf wat uit op de crosstrainer. Tranen schieten in m’n ogen als ik langer naar mijn handen kijk. Het zijn maar nagels, denk ik beschaamd. En toch…
Ik app een fotootje naar een vriendin met erbij ‘I feel like a lady again’ en een traantje op een smiley. Dan pas snap ik mijn eigen gevoel: Ik hoor er weer bij, ik ben er weer, ik heb het gered. Nooit tijdens mijn ziek-zijn heb ik me buitengesloten gevoeld, minderwaardig, uitgerangeerd, en toch hoor ik er nu weer bij, nu pas weer, nu ik weer ga werken, nu ben ik er weer.
Na het rood volgen paars en roze, en dan niets. Want het lukt me niet mijn nagels mooi te houden. Steeds brokkelen er stukjes af of verlies ik een ‘hele nagel’ (gelukkig alleen de lak). Hoe kan het nou dat het ‘vroeger’ wel drie weken bleef zitten? Toen ging ik niet in de weer met boor en hamer, met zaag en spade, de tuin wieden. Ik kan de dan wel weer een ‘lady’ voelen, ik heb een paar hobby’s ontdekt die iets minder ‘lady-like’ zijn.


