Al voordat ik mijn baan krijg had ik een bevriend stel toegezegd hun ceremoniemeester te willen zijn op hun bruiloft. En bij het opnieuw indelen van mijn week, inclusief 20 uur werk, leek me het nog steeds goed te combineren. Tot na een paar maanden de gezondheidssituatie van mijn schoonmoeder ons dwong te zoeken naar nieuwe woonruimte voor haar. En toen ik die woonruimte had gevonden de verhuizing moest worden geregeld.

Op dat punt zit ik er doorheen. Ik ben al niet goed in het omgaan van onzekerheden en het vinden van de woonruimte bij ons in de buurt zorgt dat ik even omkiep, de spanning van de weken ervoor komt eruit inclusief de bijbehorende moeheid die ook wel toe te schrijven is aan teveel te doen hebben. De bruiloft komt dichterbij en ik voel het gewicht van de aankomende verhuizing op mijn schouders. Als regelneef van de familie weet ik dat ik er in ieder geval voor moet zorgen dat aan alles op tijd wordt gedacht.

‘Je bent niet voor niets voor een deel afgekeurd hè’ zegt mijn lief goed bedoelt als ik uitgeteld op de bank zit. Naast mijn baan heb ik nog steeds een aanvullende WIA-uitkering en het aantal werkuren heb ik gebaseerd op de inschatting van de verzekeringsarts met betrekking tot het aantal uur wat ik zou moeten kunnen werken. Bij mijn sollicitatie heb ik nog gezegd dat ik het misschien wel kan uitbreiden, maar nu ik een paar maanden onderweg ben zie ik dat heel anders. Als ik meer ga werken kan ik de grillen van een jong gezin niet meer goed opvangen, zonder dat mijn gezondheid, mijn fitheid in het gedrang komt. En nu ik er twee grote projecten bij heb is die fitheid al lang in het gedrang.

Omdat ik mijn verantwoordelijkheden niet terug wil of kan geven, besluit ik goed op mijn slaap en eten te letten (meer dan normaal) en minder sociale dingen te plannen. Jammer natuurlijk, maar energie moet uit de lengte of de breedte komen.

Tijdens een van de afsluitende gesprekken van mijn lotgenotengroep onder leiding van twee psychologen hebben we het over energiegebruik. De psychologen leggen geduldig uit dat een autistisch brein meer energie kwijt is aan eigenlijk alles, door de vertraagde informatieverwerking en de afwezigheid van filters waardoor alle prikkels het brein binnenkomen. Mensen die een autistische burn-out hebben gehad komen in 50% van de gevallen weer aan het werk. En als ze weer aan het werk gaan, dan maar gemiddeld 50% van wat iemand voor de burn-out deed.

Dat klopt precies met mijn situatie: ik werk nu de helft van de tijd die ik voorheen werkte (los van de enorme hoeveelheid overwerk die er vaak wel bij kwam). Een detail tijdens het gesprek met de lotgenotengroep schokte ons allemaal wel: voor iemand met een autistisch brein kost een dag werken gemiddeld drie keer zoveel energie als voor iemand met een neuro-typisch brein. Nogal wiedes dat ik er doorheen zit nu met een halve baan en twee grote prive-projecten erbij. De tijd die vrijkomt door niet fulltime te werken is er niet voor niets, eigenlijk is de aanvullende WIA ook werk.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Gerelateerde berichten

Ballonnetje

Toen ik bezig was voor de derde keer naar het buitenland op stage te kunnen gaan vroeg een vriendin aan

Voor de vorm

Terwijl ik nog opgebrand dus ziek thuis zat wist ik het al: qua inhoud hoef ik me niet echt aan

No reference man

‘Stuur de reference man met pensioen’. De oproep van Elanor Boekholt-O’Sullivan op 8 maart 2025, Internationale Vrouwendag, aan het Europees